VTON

VOETBALOEFENING van de week

Via een uniek digitaal platform ondersteunt VTON trainers. De combinatie van innovatieve gebruiksvriendelijke applicaties en cursussen op maat voor trainers realiseren we dat kinderen langer met plezier blijven voetballen.

VTON inspireert en innoveert waardoor iedere trainer een trainer wordt.

Dagelijks gebruiken duizenden trainers de VTON voetbal app op het veld. Van goedwillende ouders tot gediplomeerde trainers. Jullie maken voetbal op de amateurvelden mogelijk en staan aan de basis van de ontwikkeling van de jeugd voor de toekomst. Met de VTON voetbal app hebben trainers op elk moment van de dag toegang tot honderden oefeningen, voetbaltrainingen en klant-en-klare trainingsschema's. Zo kunnen jullie inspiratie opdoen om jeugdvoetballers optimaal te laten genieten van wat zij het liefste doen: met plezier beter leren voetballen.

Deze oefenvorm is slechts een onderdeel van de complete leeftijd specifieke leerlijn van VTON. De methodiek bestaat uit 972 trainingen die worden vormgegeven door meer dan 1000 unieke oefenvormen.

TRAINER

VOETBAL OEFENing VAN de WEEK (2)

Deze week staat de frontale passeerbeweging centraal voor de leeftijdscategorie 11 jaar en ouder. De 1 tegen 1 doorloopvorm als oriΓ«ntatiefase past uitstekend bij deze doelstelling.

Techniek doorloopvorm passeerbeweging frontaal

10

3

2

6

20x10

ORGANISATIE

  • Speler a passt naar speler b.

  • Speler b neemt de bal in de loop mee en passeert speler a.

  • Speler c passt naar speler a.

  • Speler a passeert speler c.

Rotatie:

  • Speler a neemt de positie speler c.

  • Speler b neemt de positie speler a.

  • Speler c neemt de positie speler b.

COACHOPMERKINGEN: β†’

  • Maak de schijnbeweging op tijd, anders pakt de verdediger de bal.

  • Versnel tijdens en na de passeer- actie, anders ben je gemakkelijk te verdedigen.

  • Tip: 6 spelers organisatie 2x uitzetten.

PASSEER BEWEGINGEN

  • De vaardigheid om een tegenstander te verslaan/passeren.

  • In de een-tegen-een situatie is de kwaliteit om een tegenstander te verslaan, een van de moeilijkste onderdelen van het voetbal, noodzakelijk.

  • Als je een beweging of de kwaliteit hebt om een tegenstander te passeren, ben je een goede speler.

  • Er zijn drie soorten bewegingen: enkele, dubbele en met een tegenstander in je rug.

  • De trainer biedt de speler, of die nu een verdediger, middenvelder of aanvaller is, de bewegingen aan.

  • De speler zelf bepaalt welke beweging hem het beste ligt en het meest functioneel is.

Aannemen en meenemen

  • Maak de bal langzaam. (Haal tijdens het aannemen van de bal de snelheid eruit)

  • Laat de bal niet te ver van je voet stuiten.

  • Neem de bal zo aan dat je β€˜m daarna nog in alle richtingen kunt dribbelen.

Dribbelen en drijven

  • Speel de bal niet te ver voor je uit – Ga niet te dicht naar de verdediger toe.

  • Maak de schijnbeweging op tijd, anders pakt de verdediger de bal.

  • Versnel tijdens en na de passeeractie, anders ben je gemakkelijk te verdedigen.

  • Scherm de bal tijdens en na de passeeractie af, houd je lichaam tussen tegenstander en bal.

  • Snijd na de passeeractie de tegenstander de pas af.

Druk zetten op de balbezitter

  • Niet te snel naar de tegenstander toe, behoedzaam naderen.

  • Niet te langzaam naar de tegenstander toe, als je te lang wacht dan heeft hij tijd en ruimte om te dribbelen.

  • Blijf zoveel mogelijk oog in oog met de tegenstander, draai je rug niet naar hem toe.

  • Probeer tegenstander naar de zijkant te dwingen.

  • Jaag tegenstander op en dwing hem tot fouten.

Duel om de bal

  • Kies het juiste moment om de bal te veroveren. Bijvoorbeeld na fout van tegenstander.

methodische stappen: β†’

Aanvallen moeilijker maken

  • Veld smaller maken.

  • Verdediger korter op de situatie laten starten. (spelen met de afstanden tussen de pionnen)

Aanvallen makkelijker maken

  • Veld breder maken.

  • Verdediger verder van de situatie laten starten. (spelen met de afstanden tussen de pionnen)